Vandaag gaat het over drinkwater.

Hoe voller en vuiler de wereld wordt en hoe dichter je tegelijkertijd zelf bij de dag komt dat je er van af zal stappen (of van weg zal vliegen), en hoe groter de kleinzoon die tegenover je aan tafel de tractor, de trein, de bus, de auto en de boot feilloos bestuurt, hoe meer oog en oor je krijgt voor de abnormaliteiten die zijn toekomst in de weg staan. Een daarvan zien we over de hele wereld aan de monden van nauwelijks dorstige consumenten: het plastic flesje bronwater. Net buiten het hek van onze tuin staat een bank, door buren geplaatst bij gelegenheid van hun ‘eerste kus’. Lief bedacht, maar de lieve jeugd die er op zit werpt de ene na de andere plastic verpakking tussen onze planten.Terwijl ik weer eens opruim zie ik de beelden van Balinese stranden vol plastic afval voor me. Aan de overkant van de straat spuit een werkman restanten cement van de stoep weg met een grote spuit schoon drinkwater. Ik schat wel duizend flesjes in die paar minuten. Of het anders moet en kan, hoor ik even later tijdens een discussie op de radio. Ja dus! Nu nog doen. Voor hem, die met verheerlijkt gezicht tegen z’n opa zegt: ‘Vrooommmm, vrooomm.’


  • Facebook B&W