Vandaag gaat het over storm.

‘Dank weerman Marco Verhoef,’ zegt de radio, ‘dat je vanmorgen stand bye wil staan om ons op de hoogte te houden van de storm die over Nederland raast. Meld je als er ontwikkelingen zijn.’ Ontwikkelingen, denk ik dan. ‘En dan nu aan de telefoon mevrouw huppelepup van het Rode Kruis, mevrouw, wat voor tips heeft u voor de mensen in het land ten aanzien van de storm.’ Ten aanzien van, denk ik dan. Nou, weet de mevrouw te raadgeven, pas goed op als u naar buiten gaat, vermijd plekken waar iets kan vallen, zet alles om uw huis goed vast of haal het binnen en parkeer uw auto niet onder bomen.’ Pardon, denk ik dan. Hoor haar genieten. In de media is de klimaatverandering een zegen voor angstig, bedilzuchtig Nederland. Hoe meer sneeuw, ijs, pleur, wind en beving, hoe meer goede raad die zelden het niveau van de kinderjuf ontstijgt. Zuchtend verlaat ik het bed. Maar als ik buiten, genietend van het zicht op de dansende boomtoppen, de krant uit de bus haal, schampt ineens een flinke tak van de oude eik mijn schouder. Oei! Toch voortaan maar even een helm op. Het leven wordt levensgevaarlijk.