Vandaag gaat het over nette boter.

Als je bij ons in het boterkuipje kijkt, zul je nooit geen vette randen zien, of resten van beschuit of hagelslag, of erger, jam. Op onze tafel ziet het boterkuipje er altijd keurig uit, ligt de boter, hoe weinig er ook nog over is, er altijd netjes bij. Komt er plots een bezoeker die mee eet, hij zal zich aan de boter niet storen. Wel loopt hij of zij het risico dat er over hem of haar wordt nagepraat, wegens achterlating van chocopasta in de net nog zo nette boter. De tafelgast, daarentegen, zal met heimelijke verbazing hebben geconstateerd, dat het er in ons mini-gezin op alle fronten wel erg netjes aan toe gaat. Altijd servetjes naast de borden, vleeswaren, kaas en zoetigheid ordelijk gerangschikt, geen kruimels van het ontbijt op het parket te zien, alle schilderijen en foto's hangen recht, geen jas of trui op een stoel, tassen onderin de garderobe weggestopt, ruiten zowel binnen als buiten fris gewassen, gras daarachter kort gemaaid, rozen geknipt, paden geveegd, kranten op een stapel, tv-gids bij de tv en ga zo maar door. Het is maar wat je goed dunkt. En wat je weet waar te maken in het dagelijks gebruik, dankzij het toeval dat je allebei met de nodige huishoudelijke genen bent geboren en die in vele jaren gezamenlijkheid hebt gecultiveerd tot 'opgeruimd staat netjes'. Te netjes, vinden sommigen, en ja, ze hebben een punt. Zegt kleinzoon Christiaan: 'Eigenlijk eng netjes, oma'.