Vandaag gaat het over Venus.

In Turijn zijn er op dit moment drie. Twee van Botticelli, en een van mevrouw Mortenson en de heer Gifford. In de Sabauda Gallery van het overdadige Palazzo Reale waar we als koningskinderen in ons eentje ronddwalen door de met goud behangen appartementen en zalen waar geen plekje onbewerkt is gebleven, is de Venus van het museum zelf met veel trots opgehangen naast de Venus van Botticelli die in bruikleen is van het Staatliche Museen van Berlijn. Zodat we de twee bedeesde schoonheden kunnen vergelijken en ons kunnen vergapen aan de bijzondere klasse van Mariano Filipeppi die op 17 mei 1510 als Botticelli bijna vergeten stierf in Florence. Nog helemaal niet vergeten is de dame die in het belendende palazzo een eigen ruimte heeft gekregen vol memorabilia als brieven, contracten, jurken en schoentjes met daarboven uiteraard de vele, voornamelijk zwoele foto's die haar zo beroemd hebben gemaakt en gehouden, zij, die trouwde met zowel de honkballer Joe DiMaggio als de intellectuele schrijver Arthur Miller en op basis van een gefluisterd 'Happy Birthday' liedje (in Turijn wel te horen maar niet te zien, helaas) tot geheime minnares van president John F. Kennedy werd gekroond, zij, de Venus van de vorige eeuw die ook in deze tijd nog duizenden trekt, Marilyn Monroe.