Vandaag gaat het over verdriet.

Onze huishoudster is dood. Negenenveertig jaar oud. In drie dagen weg met longontsteking en nierfalen. Zestien jaar heeft ze bij ons gewerkt. Als een wervelwind door het huis. Nathalie, het meisje dat zo vroeg werd misbruikt en twintig jaar lang geborgen was bij de rust van Eric, onze tuinman. Tot hij haar vorig jaar verliet omdat hij niet meer tegen haar alcoholisme en bipolariteit kon. Nu zit hij tegenover me, na de crematie. De grote, sterke man, gesloopt door zijn verdriet. De stoere landbewerker, nu met natte ogen die niet zien. De bomenrooier, nu met trillende handen en zwabberende benen onder zijn gebroken lijf. De zachte spreker met de mooie bronzen stem, nu de zwijger die komt om de praten maar niets weet te zeggen. We maken ons zorgen om hem. Zoveel verdriet. Overmorgen komt hij werken. Ik zal naast hem staan als we beton malen, of onkruid trekken, of heg snoeien. Wat hij wil.