Vandaag gaat het over muis.


We hadden een muis in huis! Onze eerste reactie was: waar is de kat? Maar die is al jaren dood. Onze tweede was: wat is-ie snel! Waren we vergeten bij gebrek aan muizen. Onze derde: wat is-ie bang! Bij de aanblik van ons stoffer en blik kroop hij steeds in het verste hoekje weg. En onze vierde reactie was: wat is-ie lief! Dat spitse snuitje onder de kraaloogjes en dat witte buikje. Maar ja, hij kon niet blijven. Daarvoor is de schicht van een muis bij elke stap die je zet te schichtig. Je schrikt je elke keer rot. En hij wou maar niet gaan. En hij glipte steeds onder de stoffer weg en ook in de pan die we aansleepten wilde hij niet kruipen. Een dier dat zijn redding ontloopt, rent naar zijn dood. Ik ben op 'm gaan staan, ik beken het, ik vind het heel raar van mezelf, maar na een half uur kat-en-muis zat hij ineens doodstil voor m'n voet en tja. We hebben 'm een zacht plekje in de hedra gegeven en we hebben er in de zachte zomernacht een uur niet van geslapen. Such is life.