Vandaag gaat het over vogelaars.


Persoonlijk heb ik weinig met mannen (waarom geen vrouwen?) die met veldkijkers in de aanslag uren op hun buik liggen om een vogeltje te zien. Ik luister wel op zondagmorgen in bed met plezier naar Vroege Vogels, maar ik blijf me verbazen over tienduizenden Nederlanders die op commando meedoen aan de Nationale Tuinvogeltelling. Dan moet je wel heel weinig om handen hebben. Afgelopen maandag had ik bezoek van Frans, gemeente ambtenaar, vogelaar en bluesgitarist. Een intrigerende combinatie. Frans speelt al 48 jaar bij de bluesband John the Revelator de sterren van de hemel met ronkende riffs en slepende zoevers die je bloed doen stollen en/of je heart breaken. Wat een passie! En dan toch dat vogelaren. ‘In Engeland,’ vertelt Frans in antwoord op mijn vraag hoezo?, ‘is een vogelaar 2 ½ uur zoek geweest op zijn eigen bruiloft omdat er een heel bijzondere vogel in de buurt was gesignaleerd.’ Ook passie dus. ‘Weet je wat zo fijn is,’ zegt Frans even later. ‘Dat we hier na 48 jaar nog zo geweldig bij elkaar zitten te ouwehoeren en te lachen. Daar kan ik enorm gelukkig van worden.’