Vandaag gaat het over golf.


Niet die van de branding of de was-en-water golf, ook niet de golf van verontwaardiging, maar de sport golf. Men neme een stok, men pakke een balletje daarbij en men probeert dat van zekere afstand precies in een klein rond gat in de grond te mikken. Miljoenen mensen op aarde proberen het. En ze vinden het blijkbaar geweldig, want ze doen steeds maar weer opnieuw. Het succes van golf is simpel te verklaren: het lijkt makkelijk, maar het is moeilijk. Ik sta op de Portes du Soleil in de Franse Haute Savoie met m'n tas vol stokken op de zevende hole van de golfbaan van Les Gets en ik kijk recht in het gezicht van de Mont Blanc. Wow! Voor mij strekt zich een duizelingwekkende grasvlakte uit die 's winters beskied wordt door mensen met andere stokken. Meer dan tweehonderd meter beneden mij bevindt zich ergens een klein gaatje. Ga er maar aan staan! Ik zet m'n kont in een beetje rare halve zithouding, ga lichtjes door m'n knieën, strek m'n armen en sla. Gelijk miljoenen anderen droom ik van een bal die hoog naar de hemel reikt en vlak voor hij de Mont Blanc raakt met een sierlijke boog afdaalt naar het gat om daar met een klein hupje op het zachte groen van de green te landen. Niet in the hole, dat is casino, nee, vier, vijf meter ernaast zodat je nog even je kwaliteit moet inzetten om je golfmaten te laten zien hoe het moet. Makkelijk zat! Droom je.