Vandaag gaat het over Eric.


Eric (48) maait, zaagt, hakt, spit, wiedt, snoeit, schildert, metselt, boort en stuukt. Zo verdient hij z' n brood in uren. Vier adresjes door de week verspreid, heeft hij. Samen bieden ze hem 20, 25 uur. Net genoeg om van rond te komen. Ik werk graag met Eric in het veld. Hij zwoegt en zweet, ik ruim. Hij zwijgt, ik stem af. Op z'n beresterke rechterarm zie ik ineens heel groot 'Nathalie' getatoeëerd staan. 'Nu kun je nooit meer van je vrouw af,' lach ik, terwijl we samen aan een in de rivier gevallen boom sjorren. 'Mais oui, monsieur Tromp, il y a une million de Nathalie's en France,' riposteert hij voor zijn doen snel. Omdat hun 19-jarige dochter met haar baby in hun piepkleine flat is ingetrokken en daar manloos, werkeloos en wrokkig op de bank zit, woont Eric nu (tijdelijk?) in een oude camper waar hij uren shagjes rokend naar de Franse radio luistert en, voor het eerst in z'n leven, een boek leest. 'Hoe nu verder, Eric?' vraag ik. 'Als er niets meer te zeggen valt, moet je niet verder praten,' zegt hij. Een wijs man, Eric.